vrijdag 14 juli 2017

Over de wispelturige zomer en de Gentse Feesten...

De zomer verloopt dit jaar tot nu toe te warm en te droog. Maar om het een standvastige zomer te noemen, dat nu ook weer niet. Daarvoor ontbreekt het aan standvastige hogedrukgebieden en continentale stromingen.

Over het algemeen is er al een tijdlang sprake van een zwak zonaal regime waarbij er in de hoogte vaak een stroming staat uit westelijke hoek. De stroming is evenwel onderhevig aan golving waardoor het weerbeeld periodiek wordt gedomineerd door zwakke (mobiele) ruggen en troggen. De bijhorende straalstroom brengt ons in dit regime regelmatig een bezoek boven onze hoofden.  Over het algemeen hebben wij slechts last van verzwakte versies van Atlantische storingen. Anders is het voor grote delen van de Britse Eilanden en Scandinavië waar het regelmatig regent en het kwik ondermaats scoort.

Vandaag en morgen zaterdag bevinden we ons in maritieme lucht, beïnvloed door een zwakke hoogtetrog waarbij het kwik niet veel hoger uitkomt dan 21 graden. Ook morgen blijft het kwik zeer bescheiden scoren. Naar zondag toe en begin volgende week zorgt een mobiele hogedrukrug dan weer voor een stabilisatie waarbij ons land zondag in een warme sector terecht komt. Het wordt dan opnieuw een paar graden warmer. 

Een koufront komt zondag tot stilstand over het land en zal tegen maandag opnieuw op haar stappen terugkeren en noordwaarts wegtrekken waardoor we in steeds warmere lucht uit het zuiden terecht komen met dinsdag opeens zo'n 27 graden. Een aanzet naar mooi stabiel zomerweer is dat echter alweer niet want een trog nadert tegen die tijd ons land, wat tevens de oorzaak vormt voor die opstoot van subtropische lucht. Woensdag bevindt de warmste lucht zich over ons land en kan het op verschillende plaatsen 30 graden worden. Echter, het is dan onstabiel en op diverse plaatsen kan er fel onweer optreden.

Donderdag komen we dan opnieuw terecht in Atlantische zeelucht (zoals vandaag en morgen) zodat we weer bij af zijn, en het kwik net zoals nu zal uitkomen bij een 22 graden, wat op zich nog altijd mits regelmatig zon best aangenaam zomerweer kan genoemd worden.

Een zomer dus van op en af, met gelukkig meer op dan af......

Gentse Feesten-weer?

Het jaarlijkse dorpsfeest in Gent zal eveneens wisselvallig verlopen op weergebied maar al bij al zullen de natte periodes beperkt blijven. Volgens de laatste prognoses lijkt enkel woensdag de kans op fel onweer en veel regen groot te zijn. De andere dagen zou het vooral in de avond en nacht  grotendeels droog verlopen. Wat de temperatuur betreft kan men niet klagen met dagelijks wel maxima rond 22 graden waarbij het zondag zo'n 24 graden wordt en het dinsdag en woensdag 27 tot lokaal 30 graden wordt.

De nachten zijn vooral dit en komend weekend frisjes, tijdens de week krijgen we eerder zachte nachten voorgeschoteld. Wat de zon betreft tenslotte: die zon zal wolken moeten dulden naast haar, soms al wat meer dan anders. Vooral dinsdag lijken de opklaringen het breedst te zijn.

dinsdag 11 juli 2017

Plens regen onderweg...

De zomer zit even in een dieptepunt met een absoluut dal morgen woensdag. Een zwak westelijke hoogtestroming slingert dezer dagen over onze streken waarin zich ook een zwakke straalstroom bevindt. Een actief neerslaggebied bereikt vanavond ons land en zal daarna lange tijd over onze streken slepen (eerst het warmfront, daarna het koufront, gevolgd door een back-bent occlusie) en pas morgennamiddag ons land te verlaten.

Het frontaal systeem is actief, mede doordat ze wordt gestuurd door een scherpe kantelende (uiteindelijk negatief) kortgolvige hoogtetrog en ze zich bevindt in de linker uitgang van een zwakke jetstreak. 

De meeste neerslag zou vallen over het Belgisch-Nederlands grensgebied met daar lokaal tot 30 mm over 24 uur, misschien zelfs meer (o.a WRF). Tijdens doortocht van het koufront en de occlusie morgenvoormiddag is het winderig met rukwinden rond 50 à lokaal 60 km/h. Met ondermaatse temperaturen zal het dan vrij herfstachtig aanvoelen.

Overigens houden we het vandaag ook niet droog want een trogpassage zal deze namiddag voor buien zorgen en reeds in de avond valt de eerste frontale regen in het westen.

Toekomst?

Voor de zomerliefhebber is er vrij goed nieuws: het dal duurt niet lang en vanaf donderdag klimmen we alweer uit de diepte met maxima die terug 20 graden halen en al snel overschrijden. Naar het weekend toe en volgende week komt de 25 graden opnieuw af en toe in zicht en blijft het veelal droog. Het hoogtepatroon is evenwel wat chaotisch zonder duidelijke hoogteruggen of troggen waardoor de vooruitzichten enigszins onduidelijk zijn. Een wolkenloze hemel zal ongetwijfeld wel te veel gevraagd zijn en een stabiele hittegolf staat waarschijnlijk ook niet op het programma, maar met dit licht wisselvallig, vaak droog weer kunnen we niet spreken van tegenvallend zomerweer.

Maar eerst moeten we dus door het wisselvallige weer van vandaag en morgen.

zaterdag 8 juli 2017

Zomer weekje met vakantie...

Vandaag zaterdag en ook morgen valt het best nog mee met het weer met maxima rond of boven 25 graden in het binnenland en regelmatig zonneschijn.

vanaf maandag komen we tijdelijk terecht in een onvervalste westelijke stroming met de bijhorende verstoorde lucht. Hierin zorgen langstrekkende hoogtetrogjes voor de nodige buien en ook het kwik doet een stap achteruit waarbij het overdag niet veel warmer dan 20 graden wordt.

Naar volgend weekend toe lijkt de luchtdruk te stijgen met een stabieler en wat warmer zomerweer tot gevolg al lijkt het er voorlopig niet op dat zich dan een nieuwe warme en zomerse periode installeert over onze streken. Anders gezegd: de kansen zijn groter dat we de komende 14 dage eerder een Belgisch wisselvallig zomerweer krijgen dan dat er een stabiele mooi-weer periode (= veel zon , veelal droog en maxima rond of boven 25 graden) krijgen. Voor de natuur is dat alvast zeer goed nieuws...

donderdag 6 juli 2017

Kans op hevig onweer

Een gebied met warme en vooral onstabiele lucht trekt momenteel vanuit Frankrijk naar de Benelux toe. Op 850hPa stijgt het kwik vandaar richting +17 graden wat vrij veel is. 

Op synoptisch vlak valt er weinig te vertellen; het westen van Europa wordt gedomineerd door een barometrisch moeras waarbij een klein lagedrukgebied/vore over Bretagne ligt en vanavond ons land bereikt. Voorts is er sprake van een Spaanse Pluim configuratie waarbij de voorste barokliene band om 10Z over Nederland ligt. Daaraan gekoppeld zien we een duidelijke Elevated Mixed Layer (EML) met kenmerkende 'inverted V' en hoge CIN. Door de bijhorende verzadigde laag in de mid-levels zien we op veel plaatsen wolkenvelden hangen met de typische Ac flocus structuur. Duidelijke frontale zones zijn in onze buurt niet terug te vinden. In de hoogte speelt een naderende kortgolvige trog een rol al is deze slechts bescheiden. De trog beweegt wel vrij snel oostwaarts wat de PVA aan de voorzijde wat kan bevorderen.

Dit alles zorgt de komende uren voor flinke latente onstabiliteit waarbij de ML-CAPE oploopt tot 2 à 3 KJ in diverse regio's. De LI zakt naar zeer lage waarden rond -8 graden. Voorts is er sprake van enige shear waarbij de SRH oploopt naar waarden tussen 100en 150 m2/s2.

Het lijkt er op dat we vandaag het weerbeeld in twee delen moeten verdelen. Een eerste onweersgolf bereikt ons de komende uren (nu reeds actief over de Franse grens) maar is uiteraard nog volledig geworteld in de mid-levels dus veel shear 'ontvangen' deze buien niet en ook de CAPE is lager dan de modellen laten zien (ze worden gevoed uit een laag boven 3 km). Bovendien is de naderende hoogtetrog nog te ver af om invloed uit te oefenen en is de shear nog niet aan het pieken. Veel overlast verwacht ik m.a.w dus niet van deze eerste golf, zeker niet in de westelijke landshelft. Een kanttekening moet gemaakt worden voor het oosten. Deze buienzone bereikt het oosten pas wat later en daar kunnen de buien deels wél gevoed worden vanuit de PBL en dus feller uit pakken.

Een tweede golf wordt door diverse weermodellen (laat) vanavond verwacht vanaf het westen, op het moment dat de hoogtetrog vlakbij is en de grondvore over ons ligt. Dan kunnen de buien wel overlast veroorzaken gezien de hoge onstabiliteit en de significante shear. Erg extreem zijn de parameters niet, maar voldoende om de buien te laten organiseren tot een matige squall line incl. bow-echo vorming. De kans op supercells is niet extreem maar ook niet afwezig. Bij de meer georganiseerde buien kan lokaal wateroverlast optreden (treksnelheid hoog maar wel veel PW tot 40 mm!). Ook kunnen d windstoten oplopen richting 80 à 90 km/h (Ivens gaat tot 80 km/h). Bij een supercell is dat potentieel meer en is er ook een kleine kans op een windhoos (STP boven 1). Ook hagel van betekenis bij de supercells is mogelijk al suggereren de modellen diameters van niet meer dan 2 à hoogstens 3 cm.

zaterdag 1 juli 2017

Juni 2017: record van 2003 verbroken!

Juni was een zeer warme maand. Volgens de klimatologische gegevens van het KMI bedroeg de gemiddelde temperatuur maar liefst 19.2 graden, tegen normaal 16.2. Enkel juni 2003 deed beter met een waarde van 19.3 graden. 

Voor wat betreft de gemiddelde maximumtemperatuur breken we met 23.9 graden het vorige record van 2003 met 0.1 graad (norm: 20.6 graden). Ook de nachten waren zacht met 14.0 graden tegen normaal 11.9 graden. Ook hier breken we het record van 2003 (14.4 graden) niet.

Er was voorst vrij veel zon en ook de gemiddelde wind was opvallend sterk (al werden geen zware rukwinden geregistreerd). Wat de neerslag betreft is het een complex verhaal waarbij de waarden van Ukkel niet perse representatief zijn voor andere streken in het land. De regen van afgelopen nacht heeft er in elk geval voor gezorgd dat de maandsom op de valreep tot aanvaardbare waarden is gestegen (50.8 mm tegen 71.8 mm  normaal). In Ukkel viel tot de ochtend immers zo'n 15 mm verse regen. Zeker in het westen betekent dit echter niet meteen een einde aan de droogte. Dit temeer er afgelopen nacht duidelijk minder regen viel in het westen dan elders in het land (alweer!).

Vervolg?

Het vervolg lijkt minder spectaculair dan de vorige maand. Alvast de eerste helft van de maand juli lijkt eerder licht wisselvallig te verlopen met een klassieke semi-zonaal hoogtepatroon, wat in mensentaal betekent dat we het voor onze streken kenmerkend Belgische zomerweer zullen kennen zonder hittegolven maar ook zonder doorweekte koele dagen. Midden volgende week is het tijdelijk warmer met al snel toenemende onweerkansen en tegen vrijdag bevinden we ons alweer in licht verstoorde zeelucht. Het kwik zal veelal schommelen rond een aangename 22 à 23 graden en een bui kan al eens vallen (donderdag in de warme lucht tijdelijk kans op onweersbuien). In zo'n situatie is er 's zomers ook genoeg ruimte voor de zon. 

Echt grote neerslaghoeveelheden verwachten we niet zodat de droogte in delen van het land onverminderd blijft voortduren. Het lijkt er immers op dat, ondanks de westelijke hoogtestroming, de luchtdruk toch vaak aan de hoge kant zal zijn en het meesttijds droog blijft of de storingen slechts in verzwakte vorm zullen doortrekken.

zaterdag 24 juni 2017

Koel en nat zomerweer vanaf woensdag

Het kan verkeren in ons wisselvallige klimaat en zo ook volgende week. Een uitgestrekte hoogtetrog zal in de loop van volgende week voor enkele dagen koel en nat weer zorgen. Na de overvloedige warmte en droogte zal deze keer weinig gemor te horen zijn, maar aanpassen wordt het wel.

Tot die tijd blijft het evenwel nog een paar dagen droog en zit het kwik op niveau (rond 22 graden). Naar dinsdag toe bereikt ons zelfs even subtropische lucht en veert het kwik nog een laatste keer op richting 25-26 graden. De luchtmassa wordt evenwel snel onstabiel en dinsdag stijgen de kansen reeds op felle onweersbuien. Daarna komen we terecht in subpolaire zeelucht en duikt het kwik elke dag iets dieper om tegen vrijdag nauwelijks of niet meer de kaap van 20 graden te halen. Daarbij staat er ook een stevige zuidwester. Vanaf dinsdag is er elke dag kans op regen of (felle) buien. Het zomerweer van de afgelopen weken zal dan even erg ver weg lijken.

Of dit een aanzet is naar een verregende zomer weet uiteraard niemand. Zoals eerder op deze blog aangehaald wijzen de langetermijnvoorspellingen eerder richting een ietwat war
mere en droge zomer, maar een exacte wetenschap zijn dergelijke voorspellingen nooit. In elk geval insinueren de weermodellen op middellange termijn dat de natte en koele dip niet zo lang zal duren want. Begin volgende maand lijkt de luchtdruk immers alweer te gaan stijgen met een afnemende neerslagkans tot gevolg. En zo rond de 4de juli lijkt ook het kwik alweer rond de normale waarde van 22 graden uit te komen. Het lijkt dus al bij al maar een tijdelijke episode te worden, maar wel één die voor de natuur meer dan broodnodig is...

vrijdag 23 juni 2017

Meer hittegolven dan vroeger?

Het is gebeurd: de eerste hittegolf van 2017 is een feit. Een hittegolf is een periode waarbij het in Ukkel (referentiestation België) minstens 5 dagen na elkaar 25 graden wordt of meer en er 3 daarvan minstens 30 graden wordt. De huidige hittegolf startte op zondag en zal net wel of net niet duren tot en met vandaag vrijdag (of vandaag de kaap van de 25 graden gehaald wordt in Ukkel is immers kantje-boord).

Diverse media berichten intussen dat er steeds vaker hittegolven voorkomen en dat deze tendens zich naar alle waarschijnlijk zal verderzetten. Maar is dat zo?

Zijn er meer hittegolven?

Sinds 2000 zijn er in ons land 9 hittegolven geregistreerd, inclusief deze die we nu beleven (en geen 10 zoals diverse media berichten, de officiële lijst met hittegolven van het KMI houdt immers rekening met gecorrigeerde dagwaarden van het klimatologisch meetstation te Ukkel!). De vorige eeuw telde 29 hittegolven. Wanneer men dus volledig hypothetisch de huidige cijfers voor de eerste 18 jaar van het nieuwe decennium extrapoleert voor de gehele 21ste eeuw, komt men uit bij zo'n 50 hittegolven. Dat is zowat 40% meer hittegolven dan in de vorige eeuw.

Maar zo werkt het natuurlijk niet. Ten eerste extrapoleert men hier vanuit een korte periode en veronderstelt men een lineaire tendens. Ten tweede: wat doen we dan met pakweg de periode 1936 - 1952? Gedurende die 17 jaar werden er in ons land 11 hittegolven geteld, 2 meer dus dan de eerste 18 jaar van de huidige eeuw (met die kanttekening dat er deze zomer nog hittegolven kunnen komen uiteraard). Met andere woorden, een tendens ontdekken aangaande de hittegolven houdt weinig steek.

Stadseffect

En dan is er ook nog een fenomeen als een stadseffect. Het is welbekend dat meetstations de laatste 150 jaar steeds meer in verstedelijkt gebied verzeild raakten. In gebieden met veel verstedelijking stijgt het kwik vanzelf iets meer dan in het omringende platteland. Dit is iets dat het recente MOCCA project van de UGent mooi aantoont. We mogen niet vergeten dat de criteria voor hittegolven zeer arbitrair zijn. Is het 4 dagen ruim 25 graden waarvan 3 minstens 30, maarde 5de dag is het slechts 29.9 graden, dan is er géén sprake van een hittegolf. Was het die 5de dag 0.1 graad warmer (voor een mens een niet waarneembaar verschil), dan was het plots wel een hittegolf. Met andere woorden, zo'n stadseffect kan wel degelijk in bepaalde gevallen het verschil maken tussen net wel of net geen hittegolf.

De ene hittegolf is de andere niet!

Vergeten we ook niet dat de term hittegolf maar half de lading dekt. Hoe lang die duurt en hoe warm die is wordt er niet bijgezegd, een hittegolf is een hittegolf. Maar de effecten op de mens en de gezondheid is wel degelijk afhankelijk van de intensiteit van de hittegolf. Een hittegolf die 17 dagen aanhoudt is helemaal niet hetzelfde als een hittegolf die 5 dagen duurt, net genoeg dus om het een hittegolf te mogen noemen. Deze die we nu meemaken zal hoogstens 6 dagen geduurd hebben. Maar er zijn er van een heel ander kaliber geweest in de geschiedenis*. De langste en meest intense (sinds 1901) was deze van 1976 met 17 dagen waarvan het op maar liefst 15 dagen 30 graden werd of meer! Ook in 1997 duurde de hittegolf 17 dagen maar toen werden maar 3 dagen van 30 graden en meer geteld waardoor deze bijlange zo intens niet was. 

De meest recente lange hittegolf was die van juli 2006 en duurde 16 dagen waarvan 7 tropische dagen. Wanneer we de gemiddelde duur van de hittegolven in de 20ste eeuw vergelijken met deze die we tot nu toe in de 21ste eeuw hadden vergelijken, blijkt dit respectievelijk 9.8 dagen in de 20ste eeuw en 8.2 dagen in de 21ste eeuw te zijn. Als we dan toch willen vergelijken en tendensen willen opzoeken, blijkt dat de hittegolven in de vorige eeuw gemiddeld wat langer duurden dan deze in de 21ste eeuw. Of anders gezegd...nog maar eens een argument om voorzichtig te zijn met de zoektocht naar tendensen!

(beeld: Getty Images)
*klimatologische cijfers KMI, gecorrigeerde officiële meest recente gegevens