zaterdag 29 augustus 2009

Zeer weinig MCSs afgelopen zomer

De zomer is nog niet helemaal voorbij maar met enige zekerheid kunnen we de MCS-teller stopzetten. Blijkt dat er zo'n 4 MCSs over België (en we kunnen dit doortrekken naar Nederland) zijn getrokken. Dit is erg weinig, want een gemiddelde zomer (we rekenen van mei tot en met september) telt zo'n 10 exemplaren.

De definitie van MCS (Mesoscale Convective System) is niet altijd duidelijk en wordt, i.t.t die van MCC, niet eenduidig toegepast. Maar doorgaans is er sprake van een MCS wanneer op de IR satellietbeelden er een gebied zichtbaar is van minstens 10.000 km² waarvan de cloud top temperatuur gelijk of lager is dan -52°C. Dit moet op z'n minst zo'n 3 uur het geval zijn. Ter referentie, 10.000 km² komt ongeveer overeen met 1/3 van de Belgische oppervlakte. Op de radar-beelden wordt een MCS, net zoals alle onweercomplexen overigens, gekenmerkt door het samen voorkomen van zowel een convectie als een stratiform neerslaggebied.

De 4 MCSs kwamen voor op slechts 2 dagen, wat het nog specialer maakt. Het nachtelijke onweer van 25/5 (met de gigantische hagelstenen over België en Frankrijk) werd veroorzaakt door een samensmelten van MCSs en tellen we als 1.

Vooral het 1ste MCS van 25/5 was opvallend langlevend en ontstond in feite reeds op 24/5 rond de middag over het Spaanse plateau en volgde vervolgens een zeer lange (anticyclonale) weg richting zuiden van België om pas in de late avond van 25/5 uit te sterven over Duitsland. Ruim gerekend betekent dit een levensduur van prille begin tot einde van ongeveer 32 uur. Dit is het hoogste getal van alle MCS die we sinds 2004 tellen! Uit onze statistieken blijkt trouwens dat MCSs in mei opvallend langer leven dan in de andere maanden. Uit diezelfde statistieken blijkt overigens ook dat de kans op MCSs vanaf september daalt naar bijna 0%.

Hieronder de 4 situaties, waarbij de zwarte lijn het traject weergeeft van begin tot einde. Op de beelden ziet u de Enhanced IR beelden met als kleurcode de temperatuur: hoe roder de kleur, hoe kouder. De warmere vlekken die u soms kan zien binnen een groot rood (koud) gebied zijn overshooting tops die warmer zijn en toch hoger dan de omringende cloudshield. Daar bevinden zich de actiefste onweercellen. Meer info daarover trouwens in de presentaties in de blog hieronder.

Het viel dus sterk tegen met die grote onweerclusters afgelopen zomer, maar toch tellen we een aantal mooie onweersituaties waarbij vooral veel supercells werden geteld. Maar daar komen we misschien later nog eens op terug....

24/5




















25/5



























21/7


















21/7



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen